status:

Multisuckling bij biggen

In de varkenshouderij blijft het spenen een kritische periode die zich kenmerkt door verminderde voederopname en groei van de biggen. Het doel van dit project is om door middel van groepsopfok van biggen in de kraamstal (multisuckling) speenstress te reduceren en zo de zoötechnische prestaties van de biggen na het spenen te verbeteren.

Proef voor spenen

Om dit effect in de praktijk te controleren werd in een eerste behandeling groepsopfok toegepast door 5 dagen na het werpen van de laatste zeug de hokafscheidingen te openen tussen 2 tot 3 kraamhokken (VBK groep). Deze behandeling werd met de controlebehandeling (CON groep) vergeleken waarbij de biggen gedurende de kraamperiode op een conventionele manier grootgebracht werden. Spenen vond in beide groepen plaats op een leeftijd van 28 dagen.

Uit de resultaten van dit project mag worden geconcludeerd dat de vrijloop van biggen in de kraamstal een positieve invloed heeft op de gemiddelde dagelijkse groei, voederopname en sociale interactie tussen biggen. Deze biggen krijgen in de mogelijkheid om in de kraamstal te socialiseren met biggen uit andere tomen. Bij het spenen is er zo een stressor minder die de productieparameters en het gedrag van de positief kan beïnvloeden. Groepsopfok heeft daarentegen wel een negatief effect op de uitval van biggen en het aantal snuitbeschadigingen in de kraamstal. Er wordt aangenomen dat competitief bedrag voor een speen ervoor kan zorgen dat biggen van de uier wegblijven wat kan leiden tot gewichtsafname, zwakte en hogere sterftepercentages. Anderzijds is groepsopfok een voordeel voor biggen waarvan de moederzeug te weinig melk produceert of te grote tomen heeft.

Proef na spenen

Nadien kwamen telkens 11 biggen van 3-5 zeugen van elke behandeling in 1 hok in de biggenstal terecht. De biggen uit de VBK groep waren alreeds gemengd tijdens de opfok, de biggen uit de CON groep werden in de biggenstal gemengd. Uiteindelijk werd een proefopzet met 13 zeugen met 143 biggen en 17 zeugen met 187 biggen, respectievelijk voor behandeling CON en VBK, bekomen.

Men kan besluiten dat groepsopfok van biggen in de kraamstal de groei positief kan beïnvloeden. In de eerste week na het spenen werd in de VBK groep een hogere voeropname gerealiseerd, hoewel aan het einde van de opfokperiode geen verschil meer in lichaamsgewicht tussen de biggen van de 2 behandelingen werd waargenomen. Dit toont aan dat groepsopfok mogelijk speenstress bij de biggen kan reduceren, maar dat het effect nog eerder beperkt is. Groepsopfok heeft vooral een grote impact op de sociale ontwikkeling van biggen. In dit onderzoek ging groepsopfok gepaard met minder huidletsels bij biggen na het spenen, wat erop kan wijzen dat er bij het spenen minder vechtgedrag heeft plaatsgevonden. Waarschijnlijk is de reductie van speenstress, en meer specifiek de reductie van sociale stress, de grote verklaring voor het positief effect van groepsopfok op de zoötechnische prestaties van biggen na spenen.

Neem contact op

Contact Us