In de drachtstal is rust de belangrijkste factor. Zodra de zeugen drachtig zijn gescand, verblijven ze hier tot de laatste week voor het werpen.
De zeugen worden gevoerd met een automatisch voederstation waar ze individueel kunnen eten. Bij elke voerbeurt wordt het gewicht van de zeug en de hoeveelheid voeder die ze heeft opgegeten geregistreerd, op die manier kunnen we de conditie van de zeugen nauwkeurig opvolgen.
Omdat de zeugen in de volledige drachtstal vrij kunnen rondlopen, is hier gekozen voor een schuine putwandensysteem.
Door de vorm van de mestkanalen wordt de oppervlakte van de mest die ammoniak kan uitstoten verkleind. De mest wordt dan regelmatig afgevoerd naar een afgesloten mestopslag.
De groepshuisvesting is ingericht met betonnen ligbedden en roosters, de ligbedden zijn afgewerkt met Stallit. Dit geeft meer ligcomfort dan standaard beton.
Ook de zoekbeer zit in de groepshuisvesting. Hij zit in een apart hok waarbij een automatisch bronstdetectiesysteem is voorzien. Drachtige zeugen hebben weinig interesse in de beer. Wanneer ze dan toch bij de beer gaan snuffelen, bestaat de kans dat deze zeug niet drachtig is en wordt ze opnieuw gescand.
Wist je dat:
De gemiddelde drachttijd van een zeug 115 dagen bedraagt?
Dat komt overeen met 3 maanden, 3 weken en 3 dagen.
Tegen het einde van de dracht draagt de zeug wel +- 25 kg aan vruchtwater, biggen en placenta met zich mee!